Ondernemersinfo
Bank kan krediet niet zo maar opzeggen
JUNI 2003 - Stel: u beschikt over een krediet in rekening-courant voor onbepaalde tijd. De bank deelt u mee dat ze het krediet met onmiddellijke ingang opzegt. Het is immers tot wederopzegging verstrekt. Is deze handelwijze van de bank toegestaan? Alléén als een voldoende zwaarwegende reden de opzegging per direct rechtvaardigt. Want anders verzaakt de bank haar zorgplicht, en draait ze op voor de schade die daardoor is geleden. In een recent arrest heeft Hof Arnhem de zorgplicht van de bank verder ingevuld. Soms wordt de bank verplicht tot voortzetting, en zelfs tot tijdelijke uitbreiding van het krediet, zo bevestigde de Voorzieningenrechter te ’s-Hertogenbosch in een andere recente kwestie.De algemene bankvoorwaarden (‘ABV’) bieden een kapstok voor de opzegging van het krediet met onmiddellijke ingang. De abv zijn voor alle Nederlandse banken identiek. Zij bevatten een beding op grond waarvan de bank de kredietrelatie onder omstandigheden per direct kan beëindigen. Met name zodra zich naar het oordeel van de bank - kort gezegd - bij haar cliënt een calamiteit voordoet. De kredietovereenkomst, waarvan de abv deel uitmaken, verleent aan de bank de bevoegdheid om het krediet per direct op te zeggen en haar vordering op te eisen. Maar dat betekent niet dat het de bank steeds vrijstaat om daarvan daadwerkelijk gebruik te maken. Dit blijkt uit de rechtspraak, zo meldt accountantsgroep BDO in haar fiscaal-juridische berichtgeving.
Weegschaal belang bank, cliënt en derden
De maatschappelijke functie van de bank brengt mee dat op haar een bijzondere zorgplicht rust. Die zorgplicht brengt mee dat de bank bij haar beslissing tot beëindiging van de kredietrelatie kredietrelatie niet alleen rekening dient te houden met het contractuele belang van haar cliënt, maar ook met de belangen van derden, zoals in verband met het voortbestaan van werkgelegenheid. In de rechtspraak is de inhoud van de zorgplicht nader ingevuld. De rechter beoordeelt of de opzegging van een bankkrediet met onmiddellijke ingang rechtsgeldig is.
Opzegging per direct alléén bij voldoende zwaarwegende grond
Zoals onder meer blijkt uit het arrest van het Hof Arnhem (18 februari 2003, LJN-nummer af5233, zaaknummer 99/724) beoordeelt de rechter of de opzegging door de bank gerechtvaardigd werd door de omstandigheden.Hierbij kent de rechter betekenis toe aan vragen als: Heeft de cliënt structureel zijn kredietlimiet overschreden (‘overstand’) of is hij keurig binnen de overeengekomen kredietlimiet gebleven? Gebruikt de cliënt het krediet wel conform het bestedingsdoel of gebruikt hij het voor de financiering van andere bedrijfsactiviteiten? Heeft de onderneming van de cliënt - al of niet na reorganisatie of doorstart - toekomstperspectief? Beschikt de cliënt daartoe over een onderbouwd reorganisatieplan? Heeft de cliënt de bank tijdig en adequaat op de hoogte gesteld van alle omstandigheden die voor de kredietrelatie van belang zijn? Is sprake van een aanmerkelijke toename van het kredietrisico wegens de waardeontwikkeling in de gestelde zekerheden (zoals verpande voorraden die incourant zijn en/of verpande vorderingen op afnemers die oninbaar blijken)? Is sprake van een langdurige dan wel een kortstondige bancaire relatie tussen cliënt en bank? Bankiert de cliënt exclusief bij deze bank of heeft hij tevens een relatie met andere banken? Kan de cliënt op korte termijn bij een andere bank terecht voor een herfinanciering? Heeft de bank door eigen gedragingen het vertrouwen gewekt dat de cliënt mocht blijven beschikken over het krediet? Heeft de bank voorafgaand aan de daadwerkelijke opzegging de cliënt hiervoor gewaarschuwd? De combinatie van dit soort factoren bepaalt of sprake is geweest van een voldoende zwaarwegende grond voor de opzegging met onmiddellijke ingang.
Toegezegde kredietlimiet mag volledig worden benut
Soms legt de rechter aan de bank de verplichting op om de financiering te handhaven, zoals onlangs de Voorzieningenrechter te ’s-Hertogenbosch (3 april 2003, 93385/KG ZA 03-229). Cliënt had pas sinds een jaar een krediet bij deze bank. Door omstandigheden waren er liquiditeitsproblemen ontstaan. Nadat cliënt daarvan per omgaande melding had gemaakt en verzocht had om tijdelijk de aanvullende kredietbehoefte te financieren, zegde de bank zonder voorafgaande waarschuwing het gehele krediet op. En dat terwijl cliënt op het moment van opzegging nog niet eens de helft van de overeengekomen kredietlimiet had benut, en partijen in overleg waren over een structurele oplossing. De rechter achtte de opzegging onaanvaardbaar. De bank moest meewerken aan uitbetaling van de salarissen. Tevens moest de bank aan cliënt voldoende tijd gunnen om vervangende financiering te vinden, in dit geval onder meer door een versterking van het eigen vermogen. Niet alleen werd de bank verplicht om te gedogen dat het krediet volledig werd benut, maar zelfs om tijdelijk een kredietverhoging toe te staan.
Zorg voor actueel financieringsplan en actuele liquiditeitsbegroting
De ondernemer die zorgt voor daadkrachtige maatregelen mede op basis van een actueel financieringsplan en een actuele liquiditeitsbegroting, beperkt de kans dat hij plotseling wordt geconfronteerd met een liquiditeitsprobleem, zo menen de fsicaal-juristen van BDO. Een actief beheer van werkkapitaal (o.a. debiteuren- en crediteurenbeheer) heeft doorgaans een positief effect op de liquiditeitspositie. Tevens kan hij tijdig bezien of bijvoorbeeld additionele financiering nodig is, en hierover zonodig in overleg treden met de bank. Uitstel van overleg, en van een financieringsaanvraag tot het moment dat de kredietoverschrijding al een feit is, is doorgaans niet verstandig. Meestal mondt dat uitstel uit in een discussie met de bank over het al dan niet uitvoeren van betalingsopdrachten ten behoeve van fiscus, personeel en crediteuren. De bank is immers gehouden om betalingsopdrachten uit te voeren, zolang er ruimte is binnen de overeengekomen kredietlimiet. Die regel brengt aan de ene kant mee dat de bank niet langer verplicht is om betalingsopdrachten uit te voeren, zodra sprake is van een overstand. En aan de andere kant dat de kredietnemer erop mag vertrouwen dat hij volledig gebruik mag maken van het krediet.
Wat te doen tegen een ongerechtvaardigde opzegging per direct?
De ondernemer die overrompeld wordt door een opzegging van zijn krediet per direct, zonder dat die opzegging door de omstandigheden is gerechtvaardigd, kan daartegen actie nemen. 'Mocht een gesprek over de ontstane situatie en over uw degelijk onderbouwde plannen de bank niet op andere gedachten brengen, dan kan de ondernemer een vordering (in kort geding) instellen tegen de bank. Doorgaans is het doel hiervan dat de bank wordt verplicht om het krediet gedurende een bepaalde periode te handhaven of zelfs te verhogen. Bij toewijzing van de vordering dient de bank haar medewerking aan het uitvoeren van betalingsopdrachten te hervatten. Voor de korte termijn helpt dit om de continuïteit van de onderneming te waarborgen. Soms is er tevens aanleiding tot het vorderen van schadevergoeding. En vervolgens is het aan de ondernemer om op basis van zijn financieringsplan en liquiditeitsbegroting alternatieve financieringsbronnen te vinden', aldus BDO, die aangeven dat de ondernemer in kwestie zich hierover goed moet laten informeren door zijn of haar fiscaal-juridisch adviseur.







