Geboekt

Hugh Johnson's Wijngids 2007

NOVEMBER 2006 - Wijnexpert Hugh Johnson volgt de gebeurtenissen op wijngebied al jaren op de voet en brengt deze samen in een handig overzicht. De Wijngids 2007 is alweer de vierentwintigste, geheel herziene en uitgebreide editie van zijn alom gerespecteerde gids. De Wijngids 2007 geeft praktische informatie over het huidige wijnaanbod en een overzicht van de meest recente ontwikkelingen.
Johnson geeft zijn deskundig oordeel over wijnen uit de hele wereld en doet dit per wijnland met een alfabetische rangschikking van talloze wijnen, château, domeinen enz. uit de regio’s. Bij elke wijn geeft Hugh Johnson een korte beschrijving van de wijn, indicatie van de kwaliteit en een opgave van de beste jaren. Ook geeft hij in de Wijngids 2007 een overzicht van de beste en meest voorkomende druivenrassen. Hugh Johnson behoort tot de absolute top van wijnkenners. Samen met Jancis Robinson verzorgde hij onder meer de eveneens bij het Spectrum verschenen Wijnatlas en hij is de auteur van ‘Het verhaal van Wijn.‘
‘Een volkstelling in een konijnenkolonie, studenten in een telefooncel... ik heb in de loop der jaren allerlei vergelijkingen gebruikt om te beschrijven wat een klus het is om de wijnwereld in een boek van een handzaam formaat te persen. Het heeft weinig ruimte gelaten voor reflectie, laat staan ruimte voor een bezadigde terugblik. Maar hier zijn we dan, dertig jaar later, met ettelijke pagina's meer dan in het begin. Het komt door de vooruitgang, niet door gebrek aan beknoptheid, dat deze editie van de Wijngids 2007 zoveel dikker is. Meer keus, meer wijnen, van meer plekken. Betere wijnen? Echte keus? Wat is vooruitgang precies als het om smaakkwesties gaat?’ zo stelt Hugh Johnson vast.

Grootste verandering: van herkomst naar druivensoort
Eén verandering heeft volgens hem de hele periode gedomineerd, namelijk de verschuiving in nadruk van locatie naar druivenras. Johnson: ‘Dertig jaar geleden droeg de wijn over het algemeen de naam van zijn plaats/streek van herkomst. In de meeste gevallen was daar een bepaalde druif voorgeschreven, of hij was zo vanzelfsprekend binnen een traditie dat je geacht werd hem te kennen. Alleen nieuwe gebieden hadden een keus; zij definieerden zich op basis van wat ze verkozen aan te planten. Geen enkele andere factor heeft wijn voor de leek begrijpelijker gemaakt. Binnen tien jaar werden druivenvariëteiten de universele sleutel. Bourgogne, Bordeaux, de Rijn en de Rhône konden alleen toekijken hoe hun geboorterecht, zoals zij het zagen, werd geplunderd door landen zonder regels of remmingen, maar wel met benijdenswaardige omstandigheden voor het telen van druiven. Kortom, de Nieuwe Wereld.’
Californië startte de revolutie, althans als een bewuste beleidsverandering, zo stelt deze nestor onder de internationale wijnschrijvers vast. ‘Niet helemaal nieuw; Australië gebruikte druivennamen al jaren met blijmoedige slordigheid. Eind jaren '70 begon Californië serieus met exporteren. In 1970 telde de staat 220 wijnmakerijen; in 1989 waren het er 500. In datzelfde jaar dronken de Amerikanen, voor het eerst in de geschiedenis, meer wijn dan distillaten. Australië volgde al spoedig als grote exporteur, te beginnen op de Britse markt. Bij wijn kruipt het bloed kennelijk waar het niet gaan kan.’
Washington en Oregon volgden Californië. Halverwege de jaren '80 kreeg het UK volgens de auteur oog voor Nieuw-Zeeland, in de jaren '90 voor Chili en in de loop van de jaren '90 werden Zuid-Afrika en Argentinië respectabele leveranciers. ‘De snelheid van hun succes kende geen weerga, en in de nieuwe, democratische wereld van de wijn, waar schone, krachtige smaak voor een lage prijs het motto was, had Europa geen snel antwoord. Erger, door een verschuivende definitie van `fijn' of `mooi', ten gunste van rijpere smaken en hogere alcoholgehaltes, die warmere streken makkelijker afgaan, begon Franse finesse ondervoed te lijken. Europa volgde, althans officieel, een koers die inging tegen de liberale trend. In de jaren'70, '80 en zelfs '90 maakten de regeringen de regels nog strakker en dreven ze de kosten op. Voor sommigen waren er voordelen: enorme voordelen voor de mediterrane landen. Die zagen een lawine van subsidies op zich af komen toen Europa zijn sociale model toepaste om de verschillen tussen de lidstaten te `nivelleren'. Zouden de kopstukken in Brussel het resultaat hebben voorzien? Europa's warme streken werden een nieuwe ‘Nieuwe Wereld’ op de drempel van de Oude.Daar gaven de druiven hun identiteit aan nieuwe wijnen; veilige keuzes in het begin. Cabernet sauvignon is een meesterlijke druif, flexibel en herkenbaar. Chardonnay werd zijn witte tegenhanger. Veel ‘nieuwe’ wijngebieden plantten ze aan. Zelfs Australië, waar ze nauwelijks bekend waren, en dat reeds uitstekende shiraz, semillon en riesling verbouwde.
Sommige gebieden, zoals Napa Valley, breidden volgens Johnson de wereldlijst van grote, oorspronkelijke wijnen uit. Andere droegen slechts bij aan een groeiende plas van naamloze Cab's en Chardies'. Tegen 1990 kwam er een reactie: wat voor andere smaken hebben jullie nog meer in de aanbieding? Elk land of gebied schoof zijn eigen druiven naar voren, in de meeste gevallen een vroege ‘kolonist’ die in de gekte rond cabernet over het hoofd was gezien. Californië deed dat met zinfandel, Australië met shiraz, Argentinië met malbec, Chili met carmènere. En…allemaal beproefden ze hun geluk met merlot en pinot noir.’

Snel fortuin maken
De situatie in Europa's Nieuwe Wereld is heel anders. Zelfs hier was volgens Hugh Johnson wijn van de cabernetdruif de eerste manier om te tonen dat je serieus was. Hij zegt: ‘Deze variëteit transformeerde snel het fortuin van Toscane en de faam van Catalonië. Maar Italië heeft duizend druivenrassen, elk aangepast aan een hoekje van het uiterst gevarieerde landschap en dus terroir. Spanje, Portugal en Griekenland hebben elk een reeks mededingers. De volgende fase was ze bekend te maken. Op dat punt zijn we nu. De hoofdstraten van onze steden zijn al ware bazaars van etnische keukens: waarom zou de consument geen wijn van nero d'avola, trincadeira of aghiorgitiko willen proberen? Dat zijn de aardverschuivingen die onze keus hebben vertienvoudigd en het aantal pagina's in mijn Wijngids van haar tot jaar hebben doen toenemen.
Als Johnson de 24 jaar dat hij deze wijngids maakt de revue laat passeren, stelt hij vast, dat vergeleken met de schepping van een nieuwe wijnwereld de oude zich nauwelijks verroerd lijkt te hebben. ‘De lijst van bordeaux' crus classés en bourgognes grands crus is niet langer dan hij was. En men zou daar zeker ontkennen dat ze wezenlijk zijn veranderd. Men profiteert er natuurlijk van wetenschappelijke vorderingen, net als wij allemaal. Het poolen van technische kennis is daar even belangrijk als elders. Maar in zekere zin durft men nauwelijks iets te veranderen: deze wijnen worden gedefinieerd door de druivenstokken en de bodem die ze erven. Hun terroir is hun identiteit. En tot dusver zijn de meeste wijnbezittingen, zo niet alle, dat trouw gebleven, zelfs ten overstaan van een publiek dat uitkijkt naar iets anders. Want de smaak is veranderd. De wijnen uit warme landen zijn nu de norm in plaats van de afwijking die ze ooit waren. Waar het noorden naar rijpe druiven streeft, heeft het zuiden ze op afroep beschikbaar. Lagere zuurgehaltes, minder astringerende tannine, meer alcohol zijn allemaal populair. Het is verleidelijk ze tot je doel te maken. En…. Amerikaanse recensenten belonen degenen die dat doen’, vindt Johnson, zonder direct een naam te noemen. Maar elke insider in de wijnwereld weet dan haarfijn wie op wie hij doelt.

Dorstlesser of foodbegeleider
Wat verlangt iemand van wijn, is de laatste vraag waar Johnson ditmaal antwoord op probeert te vinden. Moet het een dorstlesser zijn, een ‘beleggingsvehikel’, een trofee om indruk mee te maken of toch die volmaakte begeleider van voedsel die hij kan zijn, de kunstvorm zoals die door de Fransen en Italianen in eeuwen van geïnspireerd onderzoek is ontwikkeld?
Er bestaat volgens Johnson weinig eensgezindheid over het antwoord, noch onder de afnemers, noch onder de makers. ‘In elke andere industrie kalft onze keus af. Mondialisering, zei men, zou het einde betekenen van alle variatie; alle wijnen zouden uiteindelijk hetzelfde smaken. In mijn ogen is de exploratie van wat wijn voor verschillende mensen kan zijn, pas begonnen. De potentiële rijkdom aan stijlen en smaken is veel groter dan we beseffen. We beginnen de Griekse en Siciliaanse druiven te ontdekken, maar Oost-Europa moet zich nog ontwikkelen en het Midden-Oosten nog worden verkend. Wat weten we van de smaken van Georgië, dat wellicht de oudste wijndruiven ter wereld bezit, of hoe ze door bevolkingen die nog met wijn moeten kennismaken zullen worden geïnterpreteerd? Op een dag zal China een wijncultuur hebben, India ook, en in een verdere toekomst wellicht zelfs Arabië. Al mijn vooropgezette meningen gingen onderuit toen ik onlangs Thaise wijn dronk die op tropische eilanden in de Mekongdelta was verbouwd. De smaak was anders, maar het was wijn en ik heb ervan genoten. Ik vermoed dat deze Wijngids over nog eens dertig jaar nog veel dikker zal zijn.’
Hugh Johnson’s Wijngids 2007 telt 415 pagina’s (13x21 cm) en is uitgevoerd als paperback. Het is niet geïllustreerd. Winkelprijs € 19,95. ISBN 90 274 2966 9. Uitgeverij Het Spectrum (Utrecht).

Gerelateerde zoekwoorden:

Klik hier voor het standaard lettertype Klik hier voor een groter lettertype Klik hier voor het grootste lettertype